Behalve waar specifiek toegestaan door deze spelregels, mag communicatie
tussen de partners tijdens het bieden en het spelen uitsluitend plaatsvinden door
het doen van biedingen en het spelen van kaarten.
Het bieden en het spelen behoren te worden gedaan zonder overmatige nadruk,
stembuiging of gedraging en zonder opzettelijke haast of aarzeling (maar zie
artikel 73D3).
Verboden communicatiemethoden tussen de partners
Spelers mogen geen informatie uitwisselen, of proberen uit te wisselen, anders
dan zoals beschreven in artikel 73A.
Indien een speler beschikt over onvoorziene ongeoorloofde informatie van zijn
partner, zoals bijvoorbeeld voortkomend uit een opmerking, vraag, uitleg, gebaar,
gedraging, stembuiging, haast of aarzeling, een onverwachte alert of het
ontbreken daarvan, moet hij zorgvuldig vermijden er voordeel uit te trekken
(zie artikel 16B1a).
Aan een speler die C1 overtreedt, kan een straf gegeven worden, maar als de
tegenstanders benadeeld zijn, artikel 16B3.
Variëren van tempo of handelwijze
Het is gewenst dat spelers een regelmatig tempo en eenzelfde handelwijze
aanhouden. Spelers moeten extra voorzichtig zijn als variaties hun een voordeel
kunnen opleveren. Overigens is het onopzettelijk variëren van het tempo of de
manier van bieden of spelen geen overtreding. Gevolgtrekkingen uit deze
variaties zijn alleen voor de tegenstanders geoorloofd; zij mogen deze informatie
gebruiken, maar wel voor eigen risico.
Een speler mag niet proberen een tegenstander te misleiden door een vraag,
opmerking of gebaar; door haast of aarzeling bij het bieden of spelen (zoals
aarzelen met een singleton); door de manier van bieden of spelen; of door enige
andere opzettelijke afwijking van de correcte manier van handelen
(zie ook artikel 73E2).
Het Bondsbestuur kan verplichte pauzes voorschrijven, bijvoorbeeld tijdens de
eerste biedronde, na een aankondiging van een sprongbod of in de eerste slag.
Misleiding
Een speler mag op een gepaste wijze proberen een tegenstander te misleiden
door een bieding of speelwijze (zolang die niet benadrukt wordt door
hebbelijkheid, ongewone haast of aarzeling en niet berust op een geheime
afspraak of op ervaring met de partner).
Als de wedstrijdleider van oordeel is dat een niet in overtreding zijnde speler een
onjuiste gevolgtrekking heeft gemaakt uit een vraag, opmerking of gebaar of iets
dergelijks van een tegenstander die hiervoor geen duidelijke bridgetechnische
reden had en die ten tijde van zijn handeling kon weten dat hij hiervan voordeel
zou kunnen hebben, moet de wedstrijdleider een arbitrale score toekennen.
Artikel 16B1a
B1a. Anderszins verkregen informatie van de zijde van de partner
Een logisch alternatief is een actie die een significant gedeelte van spelers van vergelijkbaar niveau als de betrokken speler, met dezelfde afspraken in het partnership, ernstig overweegt en die sommigen zouden kunnen verkiezen.
Artikel 16B3
B3. Anderszins verkregen informatie van de zijde van de partner
Wanneer een speler gegronde redenen heeft om aan te nemen dat een tegenstander die een redelijk alternatief had, gekozen heeft voor een actie die mogelijkerwijs was gesuggereerd door dergelijke informatie, behoort hij de wedstrijdleider na het spel (Noot: Het is geen overtreding de wedstrijdleider vroeger of later te ontbieden.) te ontbieden. De wedstrijdleider moet een arbitrale score toekennen (zie artikel 12C1) als hij van oordeel is dat de overtreding resulteerde in een voordeel voor de overtreder.